5 Hoogmoed

5. Hoogmoed

Hoogmoed is in wezen de bijl aan de wortel van elke boom van hulpverlening.
Elke hulpverlener staat aan deze infiltrerende negatieve invloed bloot. Hoogmoed maakt de mens niet meer ontvankelijk voor leiding.
Zo ontstaat er een blokkade in het:
                Ontvangen en Geven.
Schuld-  en schaamtegevoelens zijn de vruchten die op de bodem van de hoogmoed welig tieren. Daarom ook dat het resultaat is: 'God wederstaat de hoogmoedige, maar de nederigen geeft Hij genade.'
En deze genade, deze hulpverlening, heeft de hulpverlener nu juist bij uitstek nodig. Zeker als er een goede relatie met de hulpzoekende op gang komt.
Hoogmoed heeft ook altijd angst ten gevolge.
ANGST om je te geven, ANGST om open te zijn.
Hoogmoed is een levenshouding, zo diepingrijpend, vaak ook in de levens de oorzaak van veel problemen.
Het goed willen doen, en denken het goed te moeten doen, is vaak een basis van diepgewortelde minderwaardigheidsgevoelens en dus van hoogmoed.


Vragen:


1. Schaamte kan heel positief zijn. Wanneer is het dat niet?

2. Perfectionisme heeft veel teweeg gebracht in bijvoorbeeld de techniek. Hoe ligt dit in de 'menswetenschappen'?

3. Schuldgevoel en schuldig zijn kunnen in twee totaal verschillende situaties plaatsvinden. Probeer dit eens te onderkennen.

4. Wetticisme is als een gifplant in elke hulpverleningssituatie. Waarom?

        

 

 


 

 

 

Maak uw keuze
Copyright Stichting de Wegwijzer
Website laten maken door Best4u Group B.V.