Carnaval over

Carnaval over

Ja, maskers af en iedereen is weer zichzelf. Ik denk dat veel mensen het hele jaar door een masker blijven dragen, niet zichzelf durven zijn. Het liefst onherkenbaar zijn; niemand weet wie je bent, wat je bent. Alleen, eenzaam. Zo’n leven is een kwelling. Carnaval ? Voor de lol ? Carnaval van de ziel, de inwendige mens? Blijven lachen, glimlachen, grijnslachen. Je verdriet blijven verbergen. Carnaval ... jaar in, jaar uit.
Ik was zo’n mens. Opgepoetst, met een masker van stoerheid, kracht, stabiel zijn. En van binnen? Herken je zoiets? Leef jij achter een masker, in je klas, op je werk of zelfs thuis? Niemand meer te vertrouwen?
Weet je, toch kan het masker af, jezelf zijn zonder bang te zijn, zonder angst om gekwetst te worden. Eén is er, die ons altijd accepteert, nooit verwerpt, die zegt:
“Zie, Ik sta aan de deur van je hart en ik klop.
En als je open doet, zal ik bij je komen eten.”
Als je je masker aflegt, waarachter je jezelf opsloot uit angst, om gekend te worden met diepe schuldgevoelens, schaamte over wie je werkelijk bent of om wat je deed. Als je je hart opent, je masker aflegt, zegt: “Heer hier ben ik, zoals ik ben, neem me aan”. Dan zul je werkelijk jezelf worden. Jezelf accepteren en zien ... dat anderen jou accepteren zoals je bent. De plaats waar je dat ervaart, dat mag leren, is het beste huisgezin op deze wereld: de gemeente. Ja de gemeente, daar wil God je leren om jezelf te zijn tussen andere mensen. De gemeente, het huisgezin van God. Carnaval over ... masker af! Ze knellen immers en kosten zoveel geld.

 

 

Copyright Stichting de Wegwijzer
Website laten maken door Best4u Group B.V.