22 Normscala

22. Normscala

Normen rangschikken zich in onderlinge volgorde van belangrijkheid en zijn onder te brengen in verschillende onderwerpen.
Als de levensloop van een mens in perioden van 7 jaar opgedeeld mag worden, is in de periode van 7 tot 21 jaar er een enorme beweging gaande tussen de normen onderling. In deze periode worden in deze cultuur definitieve relaties gelegd en beslissingen genomen zodat normen zich t.o.v. elkaar gaan vastleggen.
Hoe blijf ik in leven, een vraag vanaf de eerste levensmomenten. De laatste norm, wie is God en hoe sta ik tegenover Hem. Elke levensfase kent zijn eigen normschikking. Deze normen kunnen per moment in kracht en onderlinge volgorde variëren.
Op een zinkend schip zetten vele passagiers alle normen opzij en geldt zomaar de wet van de sterkste. Op een rustig moment zal op datzelfde schip de eerste klas passagier aan het diner het niet normaal vinden dat zijn mes per ongeluk links van zijn bordje ligt.
Normpatronen zijn in beweging al naar gelang de omstandigheden.

Vragen:

1. Waarom kunnen ouders en kinderen elkaar soms niet overtuigen van hun gelijk?
2. ‘Niet normaal meer…’ en er is geen begrip op te brengen voor elkaar, hoe komt dit?
3. Definieer eens elke van de zes genoemde normsoorten.
4. De indeling van perioden van 7 jaar, vindt u die elders ook terug? Welk verband durft u te veronderstellen?
5. Normen gaan gedurende een mensenleven steeds vastere vormen aannemen, of niet? Hoe komt dit?

  

        

 

Maak uw keuze

Copyright Stichting de Wegwijzer
Website laten maken door Best4u Group B.V.