Denken en voelen in wisselwerking

Denken en voelen in wisselwerking


Hiernaast volgt nu een zeer schematische tekening van wat er in onze hersenen plaatsvindt, middels onze gedachten engevoelens. Allereerst spreken we over de cirkel die ik getekend heb, als afbeelding van onze hersenpan.

Bovenin ziet u de schors van de hersenpan. Daarin vinden onze gedachten plaats. Onderin ziet u het limbische systeem met 2 hele kleine kliertjes; de thalamus en de hypothalamus. In dit systeem vinden onze gevoelens plaats. Deze gedachten en gevoelens zijn met elkaar in wisselwerking: uitgebeeld door de 2 pijlen links van de cirkel.
En in het centrum van de cirkel staat een kleine cirkel waarin het woordje RAS staat. Dit is m.i. het allerbelangrijkste en mooiste orgaan in ons hele denken en voelen. De letters RAS staan voor:
Reticulair Associatie Systeem.
Dit is een Latijnse benaming die in het Nederlands weergegeven kan worden met de naam:
Netwerkvormig Associatie Systeem.
De werking van dit systeem kan als volgt kort weergegeven worden, nl. gedachten wekken gevoelens op (de pijl die schuin naar beneden gaat) en gevoelens roepen gedachten op (de pijl die schuin omhoog gaat).
Deze wisselwerking zet zich voort in het sympatisch en parasympatisch systeem. Beide weergegeven onder de cirkel.

  • Nu kunt u zien dat de werking van  het sympatische systeem met een paar woorden aan te geven is: het brengt het lichaam in een spanning, het mobiliseert energie, het stelt het lichaam in staat tot actie en het kost dus energie. 
  • Het parasympatisch systeem daarentegen brengt het lichaam tot ontspanning, het kalmeert, dit levert energie op.


Tot slot heb ik bovenaan in de tekening twee situaties in beeld gebracht:
Links bovenin ziet u de rationalist, uitgebeeld middels het kleine cirkeltje met 1 pijl naar beneden, waarmee ik aangeef dat de gedachten domineren over de gevoelens, het weten over de beleving.
Rechts bovenin ziet u de gevoelsmens; uitgebeeld middels een klein cirkeltje met 1 pijl naar boven, waarmee ik aangeef dat de gevoelens overheersen over de gedachten.

Voorbeeld 1: gevoelens overheersen de gedachten.
Wanneer een mens angstig is overheerst het gevoel over de gedachten. Het lichaam wordt inwendig gealarmeerd. Dit geeft allerlei disharmonische werkingen van het endocriene systeem. Bijvoorbeeld: verwijding van de pupil, hartkloppingen, zweten, etc. Dit alles is een gevolg van een reactie van het sympatische systeem op de angst.
Wanneer nu de angst opgelost wordt door bijvoorbeeld deze met gedachten te relativeren, of zelfs op te lossen, ontstaat er een werking van rust en vrede vanuit het limbische systeem. En dit brengt direct het para-sympatische systeem in werking. Hierdoor wordt de mens weer gekalmeerd. Onnodig te zeggen dat stress met alle negatieve gevolgen van dien voor het lichaam, uitwerkt in een overmatige spanning vanuit het sympatische systeem. ( klachten verwekkend, ziekten.)

Voorbeeld 2: gedachten overheersen gevoelens.
Wanneer ik overvol zit met allerlei gedachten over mijn werk, of mijn studie, of allerlei relationele problemen, is mijn gevoelsleven niet in staat dit alles te relativeren. En mij tot rust te brengen. Vanuit deze situatie kan bijvoorbeeld een overspannenheid ontstaan. Deze situatie werkt in op ons sympatische systeem met alle gevolgen van dien zoals die hierboven beschreven werden. Gaat deze persoon zich nu bijvoorbeeld ontspannen door een mooie wandeling, en heeft hij daarbij een beleving van bv.  mooie herfstkleuren, of het mooie landschap, dan werkt dit in op het para- sympatische systeem. Met alle gevolgen van dien.
(vermoeidheid in de gedachten verdwijnt, stress verdwijnt, klachten verdwijnen à  genezing).

Ik wil over het begrip, vertrouwen, deze twee situaties nogmaals weergeven middels twee houdingen. 
Houding 1:Als kind kom ik op een wandeling plotseling voor een sloot te staan. Er ligt echter een plank over die sloot. Ik kijk naar de plank, zie hoe dik deze is, zie ook hoe smal die is.
Ik vertrouw dat de plank mij kan dragen. En ik besluit: ‘over de plank naar de andere kant van de sloot te gaan’.
Houding 2:  Als kind sta ik op de trap. Mijn vader staat onderaan de trap, en zegt:”Spring maar in mijn armen.” Ik vertrouw op de kracht van mijn vader en spring in zijn armen.

In houding 1, had het kind vertrouwen in de plank, zonder dat het kind een relatie had met die plank. Het besluit was dus zuiver rationeel. De gedachten overwonnen de eventuele angstgevoelens.
In houding 2, had het kind vertrouwen in de vader, vanwege zijn relatie die hij had met zijn vader. Hij besloot te springen zonder enige biologische kennis van de kracht van zijn vader. Maar hij vertrouwde zijn vader en wist dat hij hem niet zou laten vallen. De gevoelens van zekerheid overwonnen de angst om te springen.

In onze relatie tot God, onze hemelse Vader, hebben heel veel mensen vaak een rationele, op theologie gebaseerde ‘vertrouwensrelatie.’ (houding 1)
Houding 2 geeft aan de vertrouwensrelatie die gebaseerd is op de vader- kind relatie.
De bijbel geeft een heel mooi voorbeeld:

“ Vreest niet, want  Ik ben met U; Zie niet angstig rond, want Ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met  Mijn heilrijke rechterhand”.
Jesaja 41:10

 

 

          14         

Maak uw keuze
Copyright Stichting de Wegwijzer
Website laten maken door Best4u Group B.V.